• Banner

Han van Loghem en Rosehaghe

Met de Amsterdamse School en de Haagse School zijn we best bekend. Wat veel mensen niet weten is dat een van de grondleggers van het Nieuwe Bouwen en de Nieuwe Zakelijkheid ene Han van Loghem was, een Haarlemmer die nauwelijks bekendheid geniet in zijn eigen stad. En dat terwijl er vanuit architectuur- en bouwkunde-opleidingen in binnen en buitenland meer en meer toeristen op zoek gaan naar de 'roots' van de bedenker van het Amsterdamse Betondorp en van woningbouwvereniging Rosehaghe dat in 2018 precies honderd jaar bestaat.

Johannes Bernardus (Han) van Loghem (Haarlem, 19 oktober 1881 - Haarlem, 28 februari 1940), zoon van Johannes Jacobus van Loghem en Ida Dicke, was een Nederlands architect én Haarlemmer. Én overtuigd socialist wat sterk naar voren kwam in zijn ontwerpen van tuindorpen zoals bij Betondorp in Amsterdam. Het rare was dat de Haarlemse Van Loghem uiteindelijk de boeken is ingegaan als één van de vertegenwoordigers van het Nieuwe Bouwen of de Nieuwe Haagse School terwijl hij niets, maar dan ook niets op had met de residentiestad in Zuid-Holland.

Volgens Van Loghem was er een sterke samenhang tussen architectuur en politiek, om die reden sloot hij zich in 1919 aan bij de Bond van revolutionair-socialistische intellectuelen net als bijvoorbeeld Van Doesburg en Berlage, een overtuiging die in de periode van de tuindorpen zeer sterk naar voren kwam. Eigenlijk vindt de vroege veertiger Van Loghem met het werk aan 't Amsterdamse Betondorp pas zijn vorm. Hij posteert hij zich als wegbereider van het Nieuwe Bouwen – zakelijk, strak, en wars van ornamentiek. "De prachtige gladde, vlakke muur", stelde hij, moet niet "door uitsteeksels, voorsprongen, rare bochtige lijnen verfraaid worden." Beton vond Van Loghem superieur aan baksteen of natuursteen. Het is "een meer vergeestelijkt materiaal", schreef hij later. "Het is door studie uit den geest gesproken." Dankzij beton kun je "met een minimum aan materiaal een maximum aan ruimte scheppen."

Voor Van Loghem hoorde het begrip 'stijl' niet in de architectonische praktijk thuis. Het ging om functie en constructie. "Bouwen is een roeping vervullen die de mensheid tot dienst kan zijn", was zijn motto. "Alle krachten, zowel materieele, geestelijke en psychische krachten van het leven, behooren in het bouwwerk tot eenheid gebracht en tot zuivere gestalte gevoerd te zijn."

Van Loghem werd geboren in Haarlem in een gegoede familie, zijn vader was een rijke bloembollenkweker. Hij werd voor die tijd behoorlijk vrij opgevoed. Geloof en dogma's waren hem vreemd. Na in Haarlem de hbs te hebben doorlopen studeerde hij voor civiel ingenieur aan de Polytechnische School te Delft, nu de Technische Universiteit Delft. Hij had onder meer college van Henri Evers en J.F. Klinkhamer. Van Loghem was lid van het Delfts Studentencorps en was wedstrijdroeier bij roeivereniging Laga. Hij sportte veel. Zwemmen en wandelen waren zijn hele leven favoriete bezigheden.


Succesvol in kunst en architectuur

In 1909 studeerde Van Loghem af in bouwkunde. Hij vestigde zich in Haarlem en trouwde op 30 september 1911 met kunstenares met Bertha Maragrita Elisabeth (Beppie) Neumeier (1890-1983). Ze kregen vier kinderen, een zoon en drie dochters en vormden een vooruitstrevend gezin, dat creativiteit hoog in het vaandel had. Neumeier was één van de stichters van de Haarlemse Montessorischool en was geen onverdienstelijk kunstenaar: ze won in 1925 en in 1937 met haar kunstwerken een medaille op de wereldtentoonstelling in Parijs. In 1912 betrok het echtpaar Van Loghem de door Han van Loghem zelf ontworpen villa 'De Steenhaag' in Heemstede. Daar was ook zijn architectenbureau met 8 medewerkers ondergebracht.

Behalve een progressieve inborst had Van Loghem ook iets excentrieks: hij droeg vaak een monocle en bezocht zijn opdrachtgevers op een Harley-Davidson. Zijn tweedkostuums werden door zijn echtgenote zelf gemaakt. Hij speelde een rolletje bij de door de avant-gardistisch kunstenaar Theo van Doesburg georganiseerde Dada-avond op 11 januari 1923, waar Kurt Schwitters zijn roemruchte klankgedichten voordroeg.


Berlage-invloed

Van Loghem werkte vanaf 1917 ook aan sociale woningbouwprojecten, waarin hij zich liet inspireren door de tuinstadbeweging. Voorbeelden hiervan zijn de ontwerpen voor woningbouwvereniging 'Huis ter Cleeff', woningbouwvereniging 'Rosehaghe' en Tuinwijk-Zuid in Haarlem. De tuinwijken die Van Loghem voorstond zijn ruim van opzet en met veel groen, precies zoals de tuinstadbeweging dat nastreefde omdat arbeiders recht hadden op licht en lucht. Een idee dat hij deelde met Berlage. Opvallend aan de tuinsteden in Haarlem is de strakke, kubistische vormgeving. Die typische strakke belijning is vaker terug te zien ontwerpen van Van Loghem in Haarlem en omgeving. De panden zijn daardoor eenvoudig te dateren als zijnde uit de jaren 20-30.

Een deel van Van Loghems werk uit zijn beginperiode is duidelijk beïnvloed door de architect H.P. Berlage, wat ook te zien is aan zijn transformatorhuisjes. In zijn beginperiode was Van Loghem nog niet stijlvast, wel zette hij zich af tegen de 19de-eeuwse neostijlen waarmee hij was opgevoed en waarin hij was opgeleid. Van Loghem koos voor modern en strak. Naast 'modern en strak' liet hij zich inspireren door oude Hollandse tradities, zoals de boerderijbouw, 17de- en 18de-eeuwse patriciërs- en buitenhuizen en de Engelse landhuisbouw.

Haarlems vernieuwer

Op 28 februari 1940 overleed Han van Lochem, 58 jaar slechts, aan trombose, als complicatie na een operatie.

De uitspraak die de idealist Van Loghem het meest typeert is: 'Bouwen is een roeping vervullen, die de mensheid tot dienst kan zijn'. Zijn socialistische sympathieën bepaalden in hoge mate zijn visie op architectuur en betekende in zekere zin ook zijn ondergang als bouwend architect. Het ging Van Loghem niet om een plaatsje in de (kunst)geschiedenisboeken, om een persoonlijk monument, maar om zoveel mogelijk mensen prettig te laten wonen. Hij oefende zijn vak uit met liefde en een enorme toewijding, al leefde hij emotioneel wat teruggetrokken, vooral na zijn Russische avontuur. Van Loghem was voornamelijk ook een vernieuwer, als een van de eersten en weinigen van zijn generatie zou hij aansluiting vinden bij het Nieuwe Bouwen. Belangrijke technische en stilistische vernieuwingen die hij al vroeg toepaste, werden later gemeengoed. Toen de opdrachten te wensen overlieten, wierp hij zich op als theoreticus en woordvoerder van het Nieuwe Bouwen. Zo heeft hij een belangrijke bijdrage geleverd aan het op de architectonische kaart zetten van deze stroming.